De drachtlengte van een koe is gemiddeld 283 dagen (9 maanden en 10 dagen), met een variatie van ongeveer 10 dagen. Tegen het einde van een normale dracht geeft het kalf een signaal waardoor het afkalven op gang komt. Het afkalfproces kan worden onderverdeeld in 4 verschillende fasen:
De voorbereidingsfase
In de voorbereidingsfase wordt door verschillende signalen zichtbaar dat de koe gaat afkalven.
Vanaf ongeveer een maand voor kalven wordt het uier zichtbaar groter. Wanneer de tepels ook daadwerkelijk volschieten en er biest gevormd is, zal de koe binnen 12 uur afkalven. Bij vaarzen groeit het uier in de laatste 6 weken van de dracht sneller en wordt daarnaast ook oedeem (‘zucht’) gevormd in uier en onder de buik.
Normaal zijn deze te voelen als harde streng, maar vanaf 10-14 dagen voor kalven gaan ze verslappen. 6-18 uur voor het afkalven zijn de banden bijna volledig verslapt.
Door meer doorbloeding zwelt de vulva op en de slijmprop in de baarmoedermond vervloeit tot slijm.
Ontsluitingsfase
De ontsluitingsfase begint met het op gang komen van de weeën, waarbij de baarmoeder steeds vaker en krachtiger samentrekt. Hierbij wordt de koe wat ongemakkelijker dan in de voorbereidingsfase en kan meer gaan trappelen en met gebogen rug staan. De koe gaat ook vaker liggen en staan, in de koppel zal een kalvende koe zich meestal afzonderen van de rest.
Door de weeën wordt de waterblaas steeds verder de baarmoedermond ingeperst en het kalf komt steeds meer in goede geboorteligging te liggen. Door de druk in de baarmoedermond treden er geleidelijk aan steeds krachtigere buikpersen op. Wanneer de waterblaas inwendig knapt of buiten zichtbaar wordt, gaat deze fase over in de uitdrijvingsfase.
De ontsluitingsfase duurt bij koeien 2-6 uur en bij vaarzen 4-12 uur.
Uitdrijvingsfase
Het kalf treedt in in de bekkenholte door weeën en persen. Wanneer de voorpoten en kop de bekkeningang gepasseerd zijn, komt door oprekking oxytocine vrij wat de uitdrijving van het kalf weer verder versterkt.
De normale uitdrijving duurt bij koeien 1-4 uur en bij vaarzen 2-6 uur.
Nageboortefase
De nageboorte zal binnen 12 uur na kalven loskomen. Indien dit niet het geval is en de nageboorte langer blijft zitten, spreken we van ‘aan de nageboorte staan’. Klik hier om daar meer over te lezen.
De drachtlengte van een koe is gemiddeld 283 dagen (9 maanden en 10 dagen), met een variatie van ongeveer 10 dagen. Tegen het einde van een normale dracht geeft het kalf een signaal waardoor het afkalven op gang komt. Het afkalfproces kan worden onderverdeeld in 4 verschillende fasen:
De voorbereidingsfase
In de voorbereidingsfase wordt door verschillende signalen zichtbaar dat de koe gaat afkalven.
Vanaf ongeveer een maand voor kalven wordt het uier zichtbaar groter. Wanneer de tepels ook daadwerkelijk volschieten en er biest gevormd is, zal de koe binnen 12 uur afkalven. Bij vaarzen groeit het uier in de laatste 6 weken van de dracht sneller en wordt daarnaast ook oedeem (‘zucht’) gevormd in uier en onder de buik.
Normaal zijn deze te voelen als harde streng, maar vanaf 10-14 dagen voor kalven gaan ze verslappen. 6-18 uur voor het afkalven zijn de banden bijna volledig verslapt.
Door meer doorbloeding zwelt de vulva op en de slijmprop in de baarmoedermond vervloeit tot slijm.
Ontsluitingsfase
De ontsluitingsfase begint met het op gang komen van de weeën, waarbij de baarmoeder steeds vaker en krachtiger samentrekt. Hierbij wordt de koe wat ongemakkelijker dan in de voorbereidingsfase en kan meer gaan trappelen en met gebogen rug staan. De koe gaat ook vaker liggen en staan, in de koppel zal een kalvende koe zich meestal afzonderen van de rest.
Door de weeën wordt de waterblaas steeds verder de baarmoedermond ingeperst en het kalf komt steeds meer in goede geboorteligging te liggen. Door de druk in de baarmoedermond treden er geleidelijk aan steeds krachtigere buikpersen op. Wanneer de waterblaas inwendig knapt of buiten zichtbaar wordt, gaat deze fase over in de uitdrijvingsfase.
De ontsluitingsfase duurt bij koeien 2-6 uur en bij vaarzen 4-12 uur.
Uitdrijvingsfase
Het kalf treedt in in de bekkenholte door weeën en persen. Wanneer de voorpoten en kop de bekkeningang gepasseerd zijn, komt door oprekking oxytocine vrij wat de uitdrijving van het kalf weer verder versterkt.
De normale uitdrijving duurt bij koeien 1-4 uur en bij vaarzen 2-6 uur.
Nageboortefase
De nageboorte zal binnen 12 uur na kalven loskomen. Indien dit niet het geval is en de nageboorte langer blijft zitten, spreken we van ‘aan de nageboorte staan’. Klik hier om daar meer over te lezen.