Pinkengriep, veroorzaakt door het Bovine Respiratory Syncytial Virus (BRSV), is een zeer besmettelijke virusziekte van de luchtwegen bij rundvee. Het virus tast vooral de longen en de bovenste luchtwegen aan en kan leiden tot hoge koorts, hoesten, benauwdheid en soms ernstige longontsteking. Vooral jongvee en dieren met verminderde weerstand kunnen zwaar ziek worden. BRSV is een van de belangrijkste veroorzakers van het bovine respiratoir ziektecomplex (BRD) en kan flinke economische schade veroorzaken door sterfte, groeivertraging en productiedaling.
Pinkengriep wordt veroorzaakt door het Bovine Respiratory Syncytial Virus. Dit virus beschadigt de longcellen waardoor de luchtwegen makkelijk dichtslibben en bacteriën de kans krijgen om een bijkomende longontsteking te veroorzaken. BRSV staat bekend om zijn snelle verspreiding en de mogelijkheid tot ernstige uitbraken, vooral in perioden met wisselende temperaturen en onvoldoende ventilatie.
Het virus verspreidt zich voornamelijk via:
• Druppelinfectie door hoesten en niezen
• Direct contact tussen dieren
• Indirect via luchtbewegingen, kleding, materiaal of voerbakken
• Omgevingsfactoren zoals slechte ventilatie of hoge stalbezetting
Alle runderen kunnen pinkengriep oplopen, maar sommige groepen zijn extra kwetsbaar:
• Jongvee tussen 2 weken en 12 maanden leeftijd
• Dieren met onvoldoende biestopname
• Bedrijven met gemengd jongvee van verschillende herkomst
• Stallen met slechte ventilatie, hoge bezetting of wisselende temperatuur
Een uitbraak ontstaat vaak in het najaar of winter, wanneer dieren dichter op elkaar staan en het stalklimaat minder optimaal is. De jongste dieren van 1 tot 3 maanden oud zijn het vaakst aangetast. Vanaf een leeftijd van 12 tot 15 maanden treedt er een soort van leeftijdsresistentie op.
De ernst van de ziekteverschijnselen kan sterk variëren. Sommige dieren hebben slechts een lichte verkoudheid, terwijl anderen acuut ernstig benauwd worden. De klachten beginnen meestal met koorts, sloomheid en een verminderd eetlust. Vaak volgt een droge hoest die snel kan verergeren.
Bij jongvee ontstaat regelmatig ernstige benauwdheid doordat de luchtwegen vollopen met slijm en ontstekingsvocht. Dieren ademen oppervlakkig en snel en kunnen soms met open bek ademen. De neusuitvloeiing begint waterig, maar wordt later slijmerig. De longen klinken bij het luisteren vaak afwijkend, met piepende of krakende bijgeluiden. Jongvee verliest snel conditie en kan zonder snelle behandeling sterven.
Bij volwassen melkkoeien verloopt BRSV meestal milder, maar kan het toch leiden tot melkproductiedaling, hoest, koorts en minder eetlust. Bij sommige dieren daalt de weerstand zodanig dat een bacteriële longontsteking volgt, wat het ziekteverloop aanzienlijk verergert.
In ernstige gevallen kan BRSV leiden tot:
• Open-mondademhaling
• Sterke benauwdheid
• conditie verlies
• Sterfte, vooral bij zware uitbraken
BRSV kan worden aangetoond met:
• PCR-onderzoek op neusswabs of longspoelsel
• Bloedonderzoek op antistoffen (bij individuen of koppelonderzoek)
• Onderzoek op longmateriaal bij sterfte
PCR wordt het meest gebruikt voor diagnose tijdens een uitbraak, omdat hiermee direct virusdeeltjes worden aangetoond.
Er bestaat geen behandeling die het virus zelf geneest. De behandeling richt zich daarom op het ondersteunen van het dier en het voorkomen van bijkomende longontstekingen:
• Koortsbestrijding en ontstekingsremmers
• Ondersteuning van de ademhaling (bijv. luchtwegverwijders indien nodig)
• Behandeling van secundaire bacteriële infecties met antibiotica (alleen indien nodig en onder begeleiding van de dierenarts)
• Zorg voor voldoende frisse lucht en een droog, warm ligbed
Vroegtijdige behandeling is cruciaal om ernstige longschade en sterfte te voorkomen.
Preventie is essentieel om ernstige uitbraken te vermijden. Belangrijke maatregelen zijn:
• Vaccinatie van jongvee en/of volwassen dieren volgens bedrijfsplan
• Goede ventilatie en luchtkwaliteit in jongveestallen
• Scheiding van leeftijdsgroepen
• Beperking van stress, bijvoorbeeld rondom verplaatsingen
• Strikte bioveiligheid en hygiëne
• Vermijden van aankoop van dieren met onbekende gezondheidsstatus
Vaccinatie kan het verloop van de ziekte sterk milderen en is daarom een belangrijk onderdeel van een bedrijfsbreed BRD-preventieplan.
Pinkengriep, veroorzaakt door het Bovine Respiratory Syncytial Virus (BRSV), is een zeer besmettelijke virusziekte van de luchtwegen bij rundvee. Het virus tast vooral de longen en de bovenste luchtwegen aan en kan leiden tot hoge koorts, hoesten, benauwdheid en soms ernstige longontsteking. Vooral jongvee en dieren met verminderde weerstand kunnen zwaar ziek worden. BRSV is een van de belangrijkste veroorzakers van het bovine respiratoir ziektecomplex (BRD) en kan flinke economische schade veroorzaken door sterfte, groeivertraging en productiedaling.
Pinkengriep wordt veroorzaakt door het Bovine Respiratory Syncytial Virus. Dit virus beschadigt de longcellen waardoor de luchtwegen makkelijk dichtslibben en bacteriën de kans krijgen om een bijkomende longontsteking te veroorzaken. BRSV staat bekend om zijn snelle verspreiding en de mogelijkheid tot ernstige uitbraken, vooral in perioden met wisselende temperaturen en onvoldoende ventilatie.
Het virus verspreidt zich voornamelijk via:
• Druppelinfectie door hoesten en niezen
• Direct contact tussen dieren
• Indirect via luchtbewegingen, kleding, materiaal of voerbakken
• Omgevingsfactoren zoals slechte ventilatie of hoge stalbezetting
Alle runderen kunnen pinkengriep oplopen, maar sommige groepen zijn extra kwetsbaar:
• Jongvee tussen 2 weken en 12 maanden leeftijd
• Dieren met onvoldoende biestopname
• Bedrijven met gemengd jongvee van verschillende herkomst
• Stallen met slechte ventilatie, hoge bezetting of wisselende temperatuur
Een uitbraak ontstaat vaak in het najaar of winter, wanneer dieren dichter op elkaar staan en het stalklimaat minder optimaal is. De jongste dieren van 1 tot 3 maanden oud zijn het vaakst aangetast. Vanaf een leeftijd van 12 tot 15 maanden treedt er een soort van leeftijdsresistentie op.
De ernst van de ziekteverschijnselen kan sterk variëren. Sommige dieren hebben slechts een lichte verkoudheid, terwijl anderen acuut ernstig benauwd worden. De klachten beginnen meestal met koorts, sloomheid en een verminderd eetlust. Vaak volgt een droge hoest die snel kan verergeren.
Bij jongvee ontstaat regelmatig ernstige benauwdheid doordat de luchtwegen vollopen met slijm en ontstekingsvocht. Dieren ademen oppervlakkig en snel en kunnen soms met open bek ademen. De neusuitvloeiing begint waterig, maar wordt later slijmerig. De longen klinken bij het luisteren vaak afwijkend, met piepende of krakende bijgeluiden. Jongvee verliest snel conditie en kan zonder snelle behandeling sterven.
Bij volwassen melkkoeien verloopt BRSV meestal milder, maar kan het toch leiden tot melkproductiedaling, hoest, koorts en minder eetlust. Bij sommige dieren daalt de weerstand zodanig dat een bacteriële longontsteking volgt, wat het ziekteverloop aanzienlijk verergert.
In ernstige gevallen kan BRSV leiden tot:
• Open-mondademhaling
• Sterke benauwdheid
• conditie verlies
• Sterfte, vooral bij zware uitbraken
BRSV kan worden aangetoond met:
• PCR-onderzoek op neusswabs of longspoelsel
• Bloedonderzoek op antistoffen (bij individuen of koppelonderzoek)
• Onderzoek op longmateriaal bij sterfte
PCR wordt het meest gebruikt voor diagnose tijdens een uitbraak, omdat hiermee direct virusdeeltjes worden aangetoond.
Er bestaat geen behandeling die het virus zelf geneest. De behandeling richt zich daarom op het ondersteunen van het dier en het voorkomen van bijkomende longontstekingen:
• Koortsbestrijding en ontstekingsremmers
• Ondersteuning van de ademhaling (bijv. luchtwegverwijders indien nodig)
• Behandeling van secundaire bacteriële infecties met antibiotica (alleen indien nodig en onder begeleiding van de dierenarts)
• Zorg voor voldoende frisse lucht en een droog, warm ligbed
Vroegtijdige behandeling is cruciaal om ernstige longschade en sterfte te voorkomen.
Preventie is essentieel om ernstige uitbraken te vermijden. Belangrijke maatregelen zijn:
• Vaccinatie van jongvee en/of volwassen dieren volgens bedrijfsplan
• Goede ventilatie en luchtkwaliteit in jongveestallen
• Scheiding van leeftijdsgroepen
• Beperking van stress, bijvoorbeeld rondom verplaatsingen
• Strikte bioveiligheid en hygiëne
• Vermijden van aankoop van dieren met onbekende gezondheidsstatus
Vaccinatie kan het verloop van de ziekte sterk milderen en is daarom een belangrijk onderdeel van een bedrijfsbreed BRD-preventieplan.