Melkziekte

Wat is melkziekte?

Melkziekte is een plotseling tekort aan calcium in het bloed. Deze aandoening is vooral bekend bij melkkoeien, maar komt ook bij schapen voor. Het gaat in principe om dezelfde ziekte, met als verschil dat melkziekte bij schapen meestal vóór het aflammeren optreedt, terwijl dit bij koeien juist na het kalven gebeurt.

Welke dieren kunnen melkziekte krijgen?

Melkziekte treft uitsluitend hoogdrachtige ooien. Lammeren, rammen en niet drachtige ooien krijgen deze aandoening niet.

Wat is het verschil tussen melkziekte en slepende melkziekte?

De namen en verschijnselen van beide aandoeningen lijken sterk op elkaar, waardoor het onderscheid lastig te maken is. Melkziekte wordt veroorzaakt door een tekort aan calcium, terwijl slepende melkziekte ontstaat door een energietekort. Beide ziekten komen vooral aan het einde van de dracht voor en zijn op basis van alleen de verschijnselen moeilijk van elkaar te onderscheiden.

Bovendien kunnen ze elkaar versterken: een ooi met melkziekte stopt vaak met eten en ontwikkelt daardoor een energietekort. Andersom kan een energietekort ook de calciumhuishouding verstoren. Daarom is het verstandig om bij een vermoeden van één van beide aandoeningen ook preventief tegen de andere te behandelen. Dit kan geen kwaad en het voorkomt ergere problemen.

Waardoor ontstaat melkziekte?

Het calciumtekort ontstaat door een sterk verhoogde calciumbehoefte in de laatste zes weken van de dracht. In deze periode ontwikkelen de lammeren hun skelet en is er veel calcium nodig voor de botopbouw. Normaal gesproken bevat het voer voldoende calcium, maar bepaalde omstandigheden kunnen tijdelijk tot een tekort leiden.

Mogelijke oorzaken zijn:

  • Een plotselinge rantsoenwisseling, waardoor de voeropname afneemt.
  • Extreem weer, waardoor schapen minder grazen.
  • Opstallen, waarbij stress door een andere omgeving en veranderingen in het voer samen kunnen zorgen voor minder voeropname en een hogere calciumbehoefte.

Welke verschijnselen zie je bij melkziekte?

Vaak begint het met één ooi, maar soms worden meerdere dieren tegelijk getroffen. De dieren worden plots sloom, slap en minder alert. Door het calciumtekort functioneren de spieren niet goed, waardoor de ooi moeite heeft met staan en eten. In ernstige gevallen kan een dier binnen enkele uren van gezond in een comateuze toestand terechtkomen.

Hoe wordt melkziekte behandeld?

De behandeling bestaat uit het toedienen van calcium via een injectie. Dit kan onder de huid worden gegeven, maar bij ernstige gevallen is toediening in de bloedbaan door een dierenarts noodzakelijk. Deze vorm van behandelen brengt risico’s met zich mee, omdat een te hoge calciumconcentratie hartritmestoornissen kan veroorzaken, wat levensgevaarlijk kan zijn.

Naast injecties kunnen ooien ondersteund worden met voedingssupplementen die oraal worden toegediend. Dit is een veilige methode, omdat hierbij geen risico op overdosering bestaat. Wel moet de ooi nog in staat zijn om goed te slikken. Omdat een hoogdrachtige ooi die niet eet snel een energietekort kan ontwikkelen, is het aan te raden om een supplement te geven dat ook helpt tegen slepende melkziekte. Re ewe venate is hiervoor een mooi product.

Hoe kun je melkziekte voorkomen?

Melkziekte is grotendeels te voorkomen met een uitgebalanceerd rantsoen en geleidelijke voerwisselingen. Geef ooien tijdig extra voer tijdens extreem winterweer wanneer zij buiten lopen. Beperk stress bij het opstallen en voorkom het samenvoegen van groepen waar mogelijk.

Zorg daarnaast voor voldoende voerplaatsen, zodat alle dieren tegelijk kunnen eten — zowel voor ruwvoer als krachtvoer. Hierdoor krijgen ook dieren met een lagere rang direct toegang tot voer en wordt voorkomen dat zij te weinig binnenkrijgen.

Wat is melkziekte?

Melkziekte is een plotseling tekort aan calcium in het bloed. Deze aandoening is vooral bekend bij melkkoeien, maar komt ook bij schapen voor. Het gaat in principe om dezelfde ziekte, met als verschil dat melkziekte bij schapen meestal vóór het aflammeren optreedt, terwijl dit bij koeien juist na het kalven gebeurt.

Welke dieren kunnen melkziekte krijgen?

Melkziekte treft uitsluitend hoogdrachtige ooien. Lammeren, rammen en niet drachtige ooien krijgen deze aandoening niet.

Wat is het verschil tussen melkziekte en slepende melkziekte?

De namen en verschijnselen van beide aandoeningen lijken sterk op elkaar, waardoor het onderscheid lastig te maken is. Melkziekte wordt veroorzaakt door een tekort aan calcium, terwijl slepende melkziekte ontstaat door een energietekort. Beide ziekten komen vooral aan het einde van de dracht voor en zijn op basis van alleen de verschijnselen moeilijk van elkaar te onderscheiden.

Bovendien kunnen ze elkaar versterken: een ooi met melkziekte stopt vaak met eten en ontwikkelt daardoor een energietekort. Andersom kan een energietekort ook de calciumhuishouding verstoren. Daarom is het verstandig om bij een vermoeden van één van beide aandoeningen ook preventief tegen de andere te behandelen. Dit kan geen kwaad en het voorkomt ergere problemen.

Waardoor ontstaat melkziekte?

Het calciumtekort ontstaat door een sterk verhoogde calciumbehoefte in de laatste zes weken van de dracht. In deze periode ontwikkelen de lammeren hun skelet en is er veel calcium nodig voor de botopbouw. Normaal gesproken bevat het voer voldoende calcium, maar bepaalde omstandigheden kunnen tijdelijk tot een tekort leiden.

Mogelijke oorzaken zijn:

  • Een plotselinge rantsoenwisseling, waardoor de voeropname afneemt.
  • Extreem weer, waardoor schapen minder grazen.
  • Opstallen, waarbij stress door een andere omgeving en veranderingen in het voer samen kunnen zorgen voor minder voeropname en een hogere calciumbehoefte.

Welke verschijnselen zie je bij melkziekte?

Vaak begint het met één ooi, maar soms worden meerdere dieren tegelijk getroffen. De dieren worden plots sloom, slap en minder alert. Door het calciumtekort functioneren de spieren niet goed, waardoor de ooi moeite heeft met staan en eten. In ernstige gevallen kan een dier binnen enkele uren van gezond in een comateuze toestand terechtkomen.

Hoe wordt melkziekte behandeld?

De behandeling bestaat uit het toedienen van calcium via een injectie. Dit kan onder de huid worden gegeven, maar bij ernstige gevallen is toediening in de bloedbaan door een dierenarts noodzakelijk. Deze vorm van behandelen brengt risico’s met zich mee, omdat een te hoge calciumconcentratie hartritmestoornissen kan veroorzaken, wat levensgevaarlijk kan zijn.

Naast injecties kunnen ooien ondersteund worden met voedingssupplementen die oraal worden toegediend. Dit is een veilige methode, omdat hierbij geen risico op overdosering bestaat. Wel moet de ooi nog in staat zijn om goed te slikken. Omdat een hoogdrachtige ooi die niet eet snel een energietekort kan ontwikkelen, is het aan te raden om een supplement te geven dat ook helpt tegen slepende melkziekte. Re ewe venate is hiervoor een mooi product.

Hoe kun je melkziekte voorkomen?

Melkziekte is grotendeels te voorkomen met een uitgebalanceerd rantsoen en geleidelijke voerwisselingen. Geef ooien tijdig extra voer tijdens extreem winterweer wanneer zij buiten lopen. Beperk stress bij het opstallen en voorkom het samenvoegen van groepen waar mogelijk.

Zorg daarnaast voor voldoende voerplaatsen, zodat alle dieren tegelijk kunnen eten — zowel voor ruwvoer als krachtvoer. Hierdoor krijgen ook dieren met een lagere rang direct toegang tot voer en wordt voorkomen dat zij te weinig binnenkrijgen.

Rundveedierenartsen Wolvega
Privacyoverzicht

Deze site maakt gebruik van cookies, zodat wij je de best mogelijke gebruikerservaring kunnen bieden. Cookie-informatie wordt opgeslagen in je browser en voert functies uit zoals het herkennen wanneer je terugkeert naar onze site en helpt ons team om te begrijpen welke delen van de site je het meest interessant en nuttig vindt.